deelnemers

deelnemers

Pieter W Postma

Milo & Moos, (death and disaster / rampspoed serie; 7058)

Stories to be told: beeldend kunstenaar Pieter W. Postma is allereerst een begenadigd verteller. Zijn verhalen strekken zich uit naar andere werelden dan die van ons. Paralelle universa, die bevolkt worden door surrealistische verschijningen. Als nieuwe ontdekkingsreizigers verkennen zij elkaars én ons universum, gebruik makend van vaak felgekleurde voer- en vaartuigen. Soms laten ze iets achter in onze wereld. Postma toont ze ons, als losse artefacten in een hedendaagse wunderkammer: een wapen, een verloren handschoen, een masker of een verongelukt transportmiddel. Een andere keer reconstrueert hij volledige ensceneringen, als in een diorama: een in een mintgroen uniform gehulde figuur bijvoorbeeld, die uit de uitgang van zijn vaartuig hangt om de bodem waarop hij nu is beland op betrouwbaarheid te verkennen. Of een gemaskerde figuur – De Zweeperdie een vijftigtal zwarte paardjes, elk zo groot als een kat, ophitst en aanspoort zijn schip over een helling te trekken. Het werk roept een soort verwondering op die doet denken aan het allereerste bioscoopbezoek. Als kind geconfronteerd worden met een enorme kleurrijke (technicolour!) wereld die tot leven komt. Alsof je binnenloopt in een jongensboek. Een ode aan de verwondering.
In deze beelden en installaties combineert Postma harde met zachte materialen. De surrealistische transportmiddelen worden voornamelijk opgebouwd uit hout, polyester en metalen. De figuren, de raketvaarders en andere wezens, hun pakken en maskers, ontstaan uit stoffen, rubbers en (kunst)leer. Postma is nu eenmaal goed met draad en naald, naar eigen zeggen.
En dat is hij. Met een enorme verbeeldingskracht komen de creaturen onder zijn handen tot leven. Sommige delen van de ensceneringen zijn volledig gepolijst en tot in de finesses virtuoos uitgewerkt, andere blijven schetsmatig en onaf, soms letterlijk met losse eindjes.
Deze schijnbare tegenstrijdigheid werkt eigenlijk als een soort scherpte-diepte in de installaties. De schetsmatigheid zet de beschouwer op enige afstand, zodat hij de gehele enscenering kan blijven overzien, de uitgewerkte details zijn enorm verleidelijk en trekken zijn blik naar binnen.
Postma heeft plezier in de reconstructie van deze vervreemdende schouwspelen. Verbeeldingskracht en scheppingsdrang zijn de mooiste eigenschappen van de mens (in dit, maar waarschijnlijk ook in andere universa), lijkt zijn werk te willen zeggen. Het plezier werkt aanstekelijk. De ensceneringen zijn bizar en surrealistisch, werkelijk niet van deze wereld. Maar tegelijkertijd wíl je ze geloven. De werken zijn eenvoudigweg te verleidelijk om niet te geloven.